Gedurende een periode van ongeveer een tiental jaar wil Plök het grondstuk, waarvan Natuurmonumenten eigenaar is, omvormen tot een volwaardig voedselbos. Hier willen we de basisprincipes van een voedselbos uitleggen maar vooral tastbaar laten zien. De eerste duidelijke stappen zijn gezet. Op dit moment zijn we bezig om het voedselbos naar volwassenheid te brengen, zodat het ecosysteem stabieler wordt en er af en toe iets geoogst kan worden.
Pak er een kopje thee bij, want dit is een longread artikel…
Interesse om mee te doen met het Plökbos? Laat het Marc, de nieuwe kartrekker, weten. Wordt vrijwilliger en vraag om toegevoegd to worden aan de Plökbos WhatsApp-groep. Marc geeft ook graag een rondleiding aan omwonenden.
Een voedselbos is een duurzaam systeem dat ontworpen is om een breed scala aan eetbare gewassen te produceren door middel van natuurlijke ecosystemen en permacultuurprincipes. Het idee is om een bosachtige structuur na te bootsen waarbij verschillende lagen van gewassen elkaar ondersteunen, net zoals in een jong bos. Denk aan hoge bomen, struiken, kruiden en bodembedekkers.
Een voedselbos is gebaseerd op het idee van biodiversiteit, waarbij een grote verscheidenheid aan planten, bomen, struiken, kruiden en bodembedekkers naast elkaar groeien. Dit verhoogt de veerkracht van het systeem, maakt het minder vatbaar voor plagen en ziekten, en creëert een stabiele omgeving voor het hele ecosysteem.
Een voedselbos bestaat uit verschillende lagen die samenwerken. Dit wordt ook wel de "bosstructuur" genoemd. Deze laagstructuur zorgt voor een optimaal gebruik van ruimte, licht en voedingsstoffen.
In een voedselbos worden niet alleen eetbare gewassen geplant, maar ook ondersteunende planten die de gezondheid van het ecosysteem verbeteren. Dit kunnen planten zijn die stikstof fixeren (zoals lupine of klaver), insecten aantrekken die helpen bij de bestuiving of andere nuttige eigenschappen hebben, zoals kruiden die andere planten beschermen.
In een voedselbos wordt de bodem geoptimaliseerd zonder het gebruik van chemische meststoffen of pesticiden. Dit gebeurt door het aanplanten van groenbemesters, het toevoegen van mulch, en het bevorderen van de activiteit van bodemorganismen. Dit verbetert de bodemstructuur, verhoogt het organisch materiaal en ondersteunt de waterretentie.
Efficiënt waterbeheer is essentieel in een voedselbos. Dit wordt vaak bereikt door middel van regenwateropvang, het gebruik van swales (natuurlijke greppels die water vasthouden) of door het toepassen van permacultuurtechnieken die water in het systeem houden en het grondwaterniveau verbeteren.
Het doel van een voedselbos is om zo min mogelijk externe inputs te vereisen, zoals kunstmest, chemische bestrijdingsmiddelen of energie-intensieve technologieën. Het systeem is ontworpen om zichzelf in stand te houden, met behulp van natuurlijke processen zoals composteren, stikstoffixatie, en de circulatie van voedingsstoffen.
Een voedselbos is een langdurig project en vereist geduld. Het vergt vaak jaren om een voedselbos volledig te laten opbloeien, aangezien veel bomen en struiken tijd nodig hebben om te groeien en vruchten te dragen. Het vereist ook actief beheer om de biodiversiteit in stand te houden en eventuele ongewenste soorten te beheren.
In plaats van de natuur te beheersen, werkt een voedselbos samen met de natuurlijke ecosystemen om duurzame opbrengsten te genereren. Dit houdt in dat het systeem de natuurlijke processen van plantengroei, diereninteracties en de seizoensgebonden veranderingen respecteert.
Het doel van een voedselbos is niet alleen om voedsel te produceren, maar ook om een gezonde, diverse en robuuste omgeving te creëren voor zowel mensen als andere levende wezens. Dit betekent dat er rekening wordt gehouden met de integratie van wilde dieren, insecten, vogels en andere nuttige organismen in het ontwerp van het voedselbos.
Het Plökbos vereist een andere benadering dan het traditionele onderhoud van hoogstamboomgaarden en vraagt om andere kennis en inzichten. De overgang van het werken in een traditionele boomgaard naar een experimenteel voedselbos kan soms een uitdaging zijn, omdat er geheel andere technieken worden toegepast. Het fundamentele verschil is dat hoogstamboomgaarden zich doorgaans beperken tot het snoeien en oogsten van fruitbomen, met een sterke focus op de output: de hoeveelheid en kwaliteit van het fruit. Voedselbossen daarentegen omvatten een veel grotere diversiteit aan planten en bomen, waarbij men werkt met de interactie tussen de planten en ecosystemen. Dit vereist een holistischere aanpak, waarbij de focus ligt op de input: het creëren van een gezond en veerkrachtig ecosysteem dat op lange termijn diverse producten levert. In plaats van actief in te grijpen door te bemesten of bestrijden van plagen, wordt er meer gekeken naar natuurlijke processen. Voorbeelden van deze holistische aanpak zijn het stimuleren van bodemleven door het creëren van plantengilden, mulchen en het creëren van habitats voor nuttige insecten. Deze benadering streeft naar maximale biodiversiteit en een zelfregulerend ecosysteem. De betekenis van deze holistische aanpak wordt vaak niet volledig begrepen. Het resultaat is dan ook niet direct zichtbaar, zoals bij een traditionele oogst, maar wordt pas na verloop van tijd merkbaar, naarmate het ecosysteem zich ontwikkelt.
Plök heeft een demonstratievoedselbos aangelegd op een perceel van circa 2000m². Dit bos dient als voorbeeld om de basisprincipes van een voedselbos in de praktijk te tonen. Voor de aanleg is een breed scala aan bomen, struiken en kruiden geselecteerd en geplant. De afbeelding hiernaast toont de initiële opzet van het voedselbos; deze is sindsdien echter sterk doorontwikkeld en aangepast.
Ter bevordering van de groei van de gewenste beplanting zijn in 2024 diverse werkzaamheden verricht in het voedselbos. Zo zijn wilgen en andere spontaan opgekomen bomen verwijderd om de reeds geplante bomen en struiken meer ruimte en licht te bieden. Ook wordt actief ingezet op het behoud van organisch materiaal in het voedselbos, wat essentieel is voor een gezonde bodem. Daarnaast is de basis gelegd om de onderlaag in balans te brengen met de andere, reeds stabielere lagen, door gebruik te maken van plantengilden.
… gerepareerd met snoeihout.
… door het plökbos
Bomen geven schaduw en breken de wind, maar te veel is ook niet goed, dan groeien de gewenste planten niet.
Een voedselbos is een duurzaam systeem dat ontworpen is om een breed scala aan eetbare gewassen te produceren door middel van natuurlijke ecosystemen en permacultuurprincipes. Het idee is om een bosachtige structuur na te bootsen waarbij verschillende lagen van gewassen elkaar ondersteunen.
Als de natuur haar gang kan gaan, zal elk stuk land uiteindelijk terugkeren naar een natuurlijk, wild bos. Een wild bos vertegenwoordigt het meest stabiele ecologische evenwicht in vergelijking met andere landschapstypen. Een voedselbos is een door mensen ontworpen, jong bos met eetbare planten. Dit betekent dat een onbeheerd voedselbos op den duur weer zal evolueren naar een wild bos. Dit proces verloopt echter zeer geleidelijk. Met andere woorden: als je eenmaal een goed ontwikkeld voedselbos hebt gecreëerd (wat minstens tien jaar in beslag neemt), is er slechts minimaal onderhoud nodig om te voorkomen dat het terugkeert naar een meer natuurlijk evenwicht van een wild bos. Daarom vergt een volwassen voedselbos uiteindelijk weinig onderhoud. Het aanleggen van zo’n kunstmatig jong bos vereist echter wel de nodige kennis en inspanning. Het is essentieel om met de natuur samen te werken in plaats van ertegenin. Daardoor worden de systemen stabieler en is er op de lange termijn minder herhaaldelijk onderhoud nodig. Laat de natuur haar werk doen en beperk je tot assisteren. Er bestaan concrete technieken om dit te bereiken.
In de eerste jaren van het voedselbos is er heel hard gewerkt om het voedselbos te ontwerpen en om van wilde boomgroei en overwoekering tot aanplant te komen van een jong voedselbos. De bovenlaag en middenlaag hebben intussen vorm gekregen. De onderlaag ging moeizaam, hier willen we ons nu vooral op gaan richten.
In 2024 is de basis gelegd voor de ontwikkeling van de onderlaag van het voedselbos. De bovenlaag, die voornamelijk bestond uit wilde bomen (wilgen, enkele berken en meidoorns), is teruggebracht tot een gewenste staat van jong bos of bosrand. Hierdoor krijgen de reeds geplante fruitbomen meer licht en kunnen ze beter doorgroeien. Er bestond namelijk het risico dat ze overgroeid zouden raken door de wilde bomen. Een deel van de achtergebleven stronken is ingeënt met paddenstoelpluggen.
Zo krijgt het komend jaar de onderlaag meer licht om zich te ontwikkelen. Om te voorkomen dat gras, wilde bramen en scheuten rond de afgezaagde stronken extra gaan groeien, is het belangrijk om komend jaar aan de opbouw van de groene onderlaag te werken. Deze onderlaag zal in de toekomst de huidige begroeiing van gras, bramen en toegevoegde houtsnippers vervangen. Dit is een proces dat tijd kost, dus op sommige plekken zal nog ‘traditioneel onderhoud’ nodig zijn, zoals het vrijhouden van gewenste planten. Het uiteindelijke doel is het creëren van een evenwichtig ecosysteem met wederzijdse voordelen en symbiose tussen planten, schimmels, dieren en mensen. Met name zullen ook vele soorten insecten en vogels er een plekje vinden. Een belangrijk aspect is de bodem: diepere wortelsystemen, drainage bodem, gevarieerd bodemleven.
⦿ Bessenstruiken en jonge fruitbomen zijn vrijgemaakt van concurrerende begroeiing.
⦿ Druivenstruiken zijn verplaatst naar zonnigere locaties en nieuwe frambozen zijn geplant.
⦿ Een bestaand bankje is gerepareerd, een nieuw bankje is geplaatst en een overstap is gerealiseerd.
⦿ Verbeterde beschermingskorven zijn geplaatst om vraat te voorkomen en planten te beschermen.
⦿ Oude takken bergen zijn met een snoeischaar verwerkt en direct gebruikt als bodembedekking en bodemverbeteraar.
⦿ Takken zijn door de hakselaar gehaald om houtsnippers te maken
⦿ Er is een inventarisatie gemaakt van de locatie van alle planten in het voedselbos, vastgelegd in een Excel-bestand.
⦿ De planten zijn opnieuw gelabeld, ter vervanging van de slecht leesbare oude labels.
⦿ Er is een webpagina ontwikkeld over het voedselbos, met uitgebreide informatie over dit specifieke voedselbos en voedselbossen in het algemeen: https://ikplukmee.nl/plokbos/
⦿ Er is een begin gemaakt met het documenteren van werkwijzen voor interne educatie over de toegepaste technieken in het voedselbos: https://ikplukmee.nl/category/werkwijzen/
Het hoofddoel voor 2025 is een begin maken met het realiseren van een evenwichtige onderlaag (lage planten en kruiden) in een deel van het voedselbos, in relatie tot de bestaande middenlaag (bessenstruiken) en de bestaande bovenlaag (bomen). De huidige onderlaag wordt gedomineerd door grassen en bramen. Eerdere pogingen om een gevarieerde en functionele onderlaag te ontwikkelen, hebben tot dusver niet het gewenste resultaat opgeleverd. Mogelijke oorzaken hiervan zijn een verstoord natuurlijk evenwicht (overmatige grasgroei), extreme weersomstandigheden zoals droge en natte zomers, en vraat door herten en slakken. Ondanks deze uitdagingen zetten we de inspanningen voort en zullen we dit jaar starten met het aanleggen van plantengilden.
Een plantengilde is een zorgvuldig samengestelde groep planten die bewust bij elkaar worden geplant vanwege hun positieve interacties. Deze interacties kunnen verschillende vormen aannemen en dragen bij aan een gezonder en productiever ecosysteem. Planten in een gilde kunnen elkaar ondersteunen op de volgende manieren:
Groei: Sommige planten kunnen de groei van andere planten bevorderen door bijvoorbeeld stikstof uit de lucht te binden en aan de bodem af te geven (stikstofbinders), essentiële voedingsstoffen op te nemen en beschikbaar te stellen, of beschutting te bieden tegen extreme weersomstandigheden.
Bescherming: Bepaalde planten kunnen dienen als natuurlijke afweer tegen plagen en ziekten door geuren te verspreiden die schadelijke insecten afstoten, of door nuttige insecten aan te trekken die predatoren zijn van deze plagen. Ook kunnen ze fysieke bescherming bieden tegen wind of felle zon.
Bodemverbetering: Planten met diepe wortels kunnen de bodemstructuur verbeteren, drainage bevorderen en mineralen naar boven halen. Andere planten kunnen organisch materiaal toevoegen aan de bodem door afgevallen bladeren of afstervende wortels, wat de bodemvruchtbaarheid verhoogt.
Concurrentiebeperking: Door strategisch planten te combineren die verschillende niches innemen (bijvoorbeeld qua hoogte, worteldiepte of behoefte aan zonlicht), wordt concurrentie om licht, water en voedingsstoffen geminimaliseerd. Dit zorgt ervoor dat alle planten in het gilde optimaal kunnen groeien.
Het concept van plantengilden is gebaseerd op het observeren van natuurlijke ecosystemen, waar planten van nature in complexe gemeenschappen samenleven en elkaar beïnvloeden. Door deze principes toe te passen in het voedselbos, streven we naar een duurzaam, veerkrachtig en productief systeem dat minder externe input vereist.
Om de ontwikkeling van een evenwichtige onderlaag in het voedselbos te bevorderen, introduceren we verschillende typen plantengilden op geselecteerde locaties. We hanteren een gefaseerde aanpak, waarbij we beginnen met kleinschalige implementatie om ervaring op te doen en lessen te trekken uit successen en eventuele moeilijkheden. In latere jaren zullen we de succesvolle plantengilden verder uitbreiden. Dit is de voorbereiding voor het plantengilde, waarbij de midden en bovenlaag vaak reeds deels aanwezig zijn:
⦿ Graspollen weghalen en naar de rand van het gilde omgekeerd neerleggen.
⦿ De naakte grond afdekken met een flinke laag houtsnippers om snelle hergroei te voorkomen.
⦿ Bij zaaien of planten de houtsnippers verschuiven of deels weghalen.
De uiteindelijke, nieuw gevormde onderlaag beschermt de bodem tegen direct zonlicht en erosie, voedt de bodem door afstervend organisch materiaal en symbiotische interacties met planten en schimmels, mineralen pomp werking, remt de groei van gras en braam, biedt voedsel en beschutting aan wilde bijen en andere insecten, en draagt bij aan een vochtige en vruchtbare bodem.
Plantengilde bosaarbei & smeerwortel:
Boom, struik, bosaardbei, smeerwortel, winterpostelein.
Deze plantengilde willen we vooraan in het voedselbos introduceren rondom de bessen. Het idee is om regelmatig de smeerwortel (mineralen pomp werking) terug te snoeien om de bosaardbei de juiste hoeveelheid licht te geven. In de winter reduceert het blad van de bosaardbei en groeit de winterpostelein. Rian en Anique hebben grote hoeveelheden bosaardbei en smeerwortel. Ook in de dorpsgaard aanwezig.
Plantengilde groenbemesting & successie:
Boom, struik, eenjarigen met successie van meerderjarigen.
Eerst wordt er een groenbemesting toegepast van eenjarigen zoals witte mosterd, incarnaatklaver, rode klaver. Daartussen worden meerderjarige planten geplant (of gezaaid) met kruiden zoals bijvoorbeeld wilde marjolein. De groenbemesting zorgt er onder andere voor dat het gras niet meteen terug groeit en zorgt voor een geleidelijke successie naar de uiteindelijke meerderjarige kruiden.
Deze plantengilde willen we in het voedselbos introduceren rondom de bessen kort bij de pawpaw bomen, vlierbes en lagere bessenstruiken. Waarschijnlijk zal het een combinatie van twee guildes worden aangezien de gilde vrij groot is.
Plantengilde 3: citroenmelisse
Boom, struik, citroenmelisse en/of munt.
We kunnen makkelijk aan grote hoeveelheden citroemelisse planten komen. Deze plantengilde zal waarschijnlijk gecombineerd gaan worden met plantengilde ‘groenbemesting & successie’
Plantengilde bloemenmengsel:
Boom, struik, bloemenmengsel, daslook en/of knoflook .
Deze plantengilde willen we in het midden van het voedselbos introduceren dichtbij een kersenboom en bessenstruiken.
Plantengilde smeerwortel:
Boom, struik, smeerwortel, pompoen (als slakkenvoer 😉 ).
Deze plantengilde willen we vooraan in het voedselbos introduceren rondom de bessen.
Braam onder controle houden in het voedselbos: wortel uitsteken
Met een snoeischaar of kapmes het opschot van gekapte bomen continue weghalen.
Vergeten struikelstronken weghalen. Deze zijn heel gevaarlijk, vooral verscholen tussen gras waar men loopt.
Niet zomaar houtsnippers willekeurig verdelen. Het is een kostbare, uit eigen voedselbos komende, bron van organisch materiaal die niet verspild dient te worden. De hoop houtsnippers gaat ook fermenteren, dat is nog gunstiger voor het gebruik. Oftewel: Een groot deel van de houtsnippers bewaren als voorraad.
Houtsnippers verdelen in een laag van ongeveer 15 cm ruim rondom bessenstruiken die dit jaar nog geen deel uit gaan maken van een gilde. Voorafgaand eventueel de graspollen oppervlakkig uitsteken zonder de wortels van de bessen te beschadigen. Er zijn ook redelijk wat houtsnippers nodig voor de planten gilden.
De paden hoeven maar minimaal toegankelijk gehouden te worden. Er worden geen vaste omlijnde paden gemaakt (dat kan bijvoorbeeld wel in een beleeftuin). Een ‘pad’ vrijgehouden met zeis of bosmaaier van een halve meter breed door het voedselbos is meer dan voldoende. Een voedselbos is geen park, maar meer wild en ongeordend. Geen houtsnippers op de paden, want het is een kostbaar goed dat niet verspild dient te worden.
Grond niet verarmen en geen afvoer van gesnoeid gras op hopen. Dit is ongewenst in een voedselbos. Gewoon minimaal snoeien en op z’n plek laten liggen waar het gesnoeid is. Geen gras of organisch materiaal direct tegen stammen van bomen en bessenstruiken aanleggen om rot te voorkomen.
Nieuwe beschermkorven plaatsen waar nodig en planten labelen (naamgeving). Dit is om vraat te voorkomen en om te voorkomen dat gewenste bomen en struiken door vrijwilligers of wandelaars weggehaald of betrapt worden. Niet alle bomen of struiken hebben een korf, dus pas toch goed op.
Blijven monitoren of bomen of bessen dood zijn gegaan en eventueel vervangen met planten uit andere tuinen. De digitale lijst bijwerken.
Fruitstruiken nog niet te veel snoeien. Ze zijn allemaal nog klein.
Houtrillen aanduwen/in vorm houden. De braam mag gerust op de houtrillen groeien en heeft daar een functie, maar dient in toom gehouden te worden richting pad en richting voedselbos.
Nieuw houtafval van snoeien kan klein gemaakt en op de grond in het bos verspreid worden. Grote en dikke stukken kunnen op de houtrillen. Haal wel even wat zijtakken weg zodat het compact blijft. Geen bergen onverwerkt snoeiafval in het voedselbos laten liggen voor een volgende keer. Deze worden namelijk vergeten.
Het grote snoeiwerk en de boomkap is voorlopig even voorbij. Er hoeven waarschijnlijk geen grote bomen meer gekapt te worden. De focus gaat naar de onderlaag.
Bijenhotel herstellen en aanvullen door nieuwe boomstronken toe te voegen met gladde uitgevijlde gaten met de juiste diameters, nieuwe bamboe staafjes, wand voor grond bijen eventueel onder het bijenhotel.
We zullen regelmatig samen door het voedselbos lopen en analyseren wat werkt en wat niet en het plan aanpassen als dat nodig is. Samen gaan we er een goed functionerend evenwichtig voedselbos van maken!
… met chocolade rank
… door het plökbos
… ze hebben het door warme en door natte zomers zwaar gehad, maar ze krijgen nog een kans.
Reeds aanwezig: vlier, pawpaw, hazelnoot, rode bes, kruisbes.
Aangeplant 2025: smeerwortel, citroenmelisse, ijzerhard, bosaarbei, kardoen (zaad), kaardebol, chinese braambes.
Reeds aanwezig: kersenboom, rode bessen,
Aangeplant 2025: citroenmelisse, roze knoflook
Solitaire bijen bouwen hun eigen nestjes, vaak in gaatjes in hout en in de grond. Ze leven ieder voor zich en werken niet samen. Hommels daarentegen leven in kleine kolonies met een koningin, werksters en darren. Hoewel ze minder bekend zijn dan de honingbij, spelen wilde bijen een cruciale rol in de bestuiving van planten en zijn ze van groot belang voor onze ecosystemen.